75 jaar vrijheid

Haregu Isahac Teweldemedhin-Neamin, 100-jarige Capelse: ‘Ik kan niets voor jullie terugdoen, maar God doet dat wel’

Haregu Isahac Teweldemedhin-Neamin is geboren in 1920 in Eritrea en maakte in honderd jaar veel mee. Sinds 1983 woont ze in Nederland. Tot haar verdriet is ze de Nederlandse taal niet machtig, daarom zijn haar dochter en kleindochter bij dit gesprek aanwezig.

Het verhaal van Haregu en haar familie is indrukwekkend en tevens een lesje geschiedenis. Daarin komen de woorden ‘oorlog’ en ‘vrijheid’ regelmatig terug. De eerste decennia van Haregu’s leven lag Eritrea onder Italiaans bewind, vervolgens onder Brits protectoraat, daarna werd het onderdeel van Ethiopië tot het land in 1993 officieel onafhankelijk werd.

Niet gelijkwaardig
Kolonisatie betekent onder andere dat je in je eigen land niet gelijkwaardig wordt behandeld. Haregu: ‘Niet iedereen mocht reizen met de bus, alleen Eritreeërs met een bepaalde functie mochten dat en zij moesten in een kleine ruimte staan. Dan voel je je niet vrij. Onder het Italiaanse bestuur konden de Eritreeërs alleen tot de vierde klas van de basisschool onderwijs volgen. Ook werden Eritreeërs in de Tweede Wereldoorlog gerekruteerd om voor Italië in Libië, Somalië en Ethiopië te vechten. De Zweedse missionarissen deden in die tijd wel goed werk. Zij verspreidden de religie en vaardigheden zoals borduren.’

Familie van aanzien
Haregu was de achtste van tien kinderen en had het geluk dat ze kon studeren. Haar zus, die bij de Zweedse missionarissen opgroeide, leerde haar lezen en schrijven. Haregu ging de verpleging in en studeerde op 12 juli 1945 af als verloskundige. In 1946 trouwde ze met Isahac Teweldemedhin, een weduwnaar met tien kinderen. Samen kregen ze nog een dochter. De familie Teweldemedhin had aanzien in Eritrea. Haregu’s schoonvader was een van de grondleggers van het protestantisme en vertaler van de bijbel in Tigrinja (Eritrese taal). Haar man was docent/rechter, hij heeft het onderwijssysteem in Eritrea opgezet en heeft veel betekend voor de Eritrese kennisontwikkeling. In Eritrea is daarom een middelbare school naar hem vernoemd. Ook zorgde hij ervoor dat meisjes naar school konden en leidde hij leraren op.

Keerpunt
Het jaar 1978 was een keerpunt in Haregu’s leven. Haar man overleed en een paar maanden later vluchtte haar dochter met haar gezin naar Nederland. Vervolgens duurde het ruim twee jaar voordat zij hier een verblijfsvergunning kregen. Gedurende die tijd was er geen contact tussen Haregu en haar dochter, het was onveilig in Eritrea en communicatie was niet mogelijk. ‘Ik ontving wel informatie dat mijn dochter en haar gezin in goede gezondheid waren, maar dat geloofde ik niet. Ik wilde met eigen ogen zien hoe de situatie in Nederland was.’ In 1983 kwam ze naar Capelle met de bedoeling weer terug te keren naar Eritrea. Maar Haregu werd ziek en van een terugkeer was geen sprake meer.

Verbonden met Capelle
Ze leeft nu in Capelle met haar kinderen, klein- en achterkleinkinderen. Door haar geloof voelt Haregu zich extra verbonden met haar omgeving. Ze is protestants en ze kent de liederen die in de kerk worden gezongen, maar dan in haar eigen taal. Haregu: ‘De normen en waarden van protestantse cultuur komen veel overeen met die in mijn omgeving in Eritrea.’

Bestaan opbouwen
Op de vraag hoe ze haar dagen vulde en vult antwoordt ze: ‘Ik lees veel: Eritrese boeken, de Eritrese krant en de bijbel. Verder volg ik de journaals op tv. Ik ben aan huis gebonden, maar toen ik mij nog goed kon bewegen, wandelde ik veel in Capelle. De mensen hier zijn vriendelijk. Ik vind het ook mooi dat een klein land als Nederland zoveel mensen uit oorlogsgebieden de kans geeft hier een bestaan op te bouwen. Ik kan niets voor jullie terugdoen, maar God doet dat wel. Ik weet ook dat Nederland de oorlog heeft meegemaakt en zie dat Nederland door geduld en hard werken geworden is hoe het nu is en we hier kunnen leven in vrijheid. Dat geeft mij een warm gevoel.’

Welkom
Vrede op aarde is het motto van Haregu. Ze toont een kaart waarop een kat en een hond staan. Haregu: ‘Vrede tussen kat en een hond. Als een kat en een hond met elkaar omgaan, waarom kunnen wij als mensen niet zo met elkaar omgaan? Ik heb mij hier altijd welkom gevoeld en daar ben ik God dankbaar voor.’